Het opdrogen van opdrachten leidt in de branche voor werving & selectie tot blinde paniek en onethische praktijken. De helft van de bureaus dreigt te verdwijnen.
Telefonisch ’stalken’ van bedrijven en organisaties en het rondsturen van curricula vitae zonder kandidaten op de hoogte te stellen. Opdrachtgevers van concurrenten afsnoepen door voor een kwart van een redelijke prijs diensten aan te bieden. Het is oorlog in de branche voor werving & selectie, stelt Jan Marijne, directeur van werving & selectiebureau Projactive. „Je kunt wel stellen dat er sprake is van blinde paniek bij veel bureaus. Bedrijven en organisaties maken pas op de plaats en werven geen nieuw personeel. De opdrachten drogen op. Bij sommige bureaus is dat aanleiding om zich te bedienen van guerrillatactieken om de crisis te overleven.” Dat stelt de hele branche in een slecht daglicht, aldus Marijne.
Hans van Eck, directeur van de Nederlandse brancheorganisatie van bureaus voor werving en selectie OAWS, erkent dat er cowboypraktijken voorkomen. „Een kat in het nauw maakt rare sprongen. Bij ons neemt het aantal klachten over onoirbare praktijken niet toe, maar dat komt doordat maar een deel van de bureaus bij de branche-organisatie is aangesloten.”
Controle uitoefenen op de sector is bijzonder moeilijk, volgens Van Eck. Zo is het aantal werving & selectiebureaus niet bekend. Bij de Kamer van Koophandel staan 2200 tot 2600 bedrijven ingeschreven die de termen werving & selectie hebben laten registreren. Daarbij zit een groot aantal eenmansbureaus. Zo'n 250 kunnen gerekend worden tot de grotere bureaus (meer dan drie medewerkers) en minstens enkele jaren bestaan.
Het is niet nodig om een vergunning of titel te hebben om een werving & selectiebureau te beginnen. „Dat maakt het voor ons moeilijk om controle uit te oefenen,” zegt Van Eck. „We kunnen alleen onze leden verplichten aan bepaalde kwaliteitseisen te voldoen. Zo werken wij met gedragscodes en tests die zijn opgesteld door het Nederlands Instituut voor Psychologen en door het Nederlandse Vereniging voor Personeelsbeleid. Als een opdrachtgever of kandidaat toch klachten heeft, kunnen ze terecht bij onze twee bedrijfsjuristen.” Daarnaast verplicht de OAWS –waarbij 45 bureaus zijn aangesloten– de leden vanaf september om sollicitanten en opdrachtgevers periodiek een vragenlijst in te laten vullen over hun ervaringen met het bureau. Dat kan niet opgelegd worden aan niet-aangesloten bureaus.
Toch is dit volgens Marijne bij uitstek het moment om in te grijpen. In zijn optiek zijn er bureaus die op dit moment niet ethisch met kandidaten en met hun persoonlijke gegevens omspringen. „Cv’s van sollicitanten worden ongevraagd rondgestrooid als er bij een bedrijf of organisatie een vacature verschijnt. Zo mag je nooit omgaan met zulke privacygevoelige informatie.” De strijd tussen de bureaus spitst zich toe op de mogelijke opdrachtgevers, zoals bedrijven en organisaties die een vacature hebben. Zij betalen een vergoeding als ze een passende kandidaat kunnen leveren. Volgens Marijne bedragen de kosten voor het selecteren van een geschikte kandidaat, inclusief advertentie, interviews en gedrags- en psychologische tests, vele duizenden euro's. Bureaus vragen daarom als vergoeding gemiddeld 25 procent van het jaarsalaris van de baan waarvoor een kandidaat is gevonden. Nu zijn er bureaus die dezelfde diensten voor 6 procent van een jaarsalaris aanbieden. „Dat geeft een raar signaal aan de rest van de markt, maar toont ook de desperate situatie waarin sommige bureaus zich bevinden.
(Trouw 2009)







